verschijnsel dat steeds meer mensen, vooral heteroseksuele vrouwen van middelbare leeftijd, (langere tijd) single zijn en er vaak ook bewust voor kiezen geen liefdesrelatie meer aan te gaan; ook: het steeds meer toenemen van het aantal singles
Steeds meer mensen hebben geen liefdesrelatie en omarmen dit singleschap, vooral vrouwelijke vijftigplussers. Singleschaamte is uit, zeker op latere leeftijd, want “het voelt haast romantisch om als vijftiger single te zijn”, aldus Annemiek Leclaire in NRC. “De ene vriendin vertrekt naar Marokko, de ander bouwt een huis: voor alleenstaande vijftigplussers kan een nieuwe, vrije wereld opengaan.” Steeds meer mensen scheiden ook na hun vijftigste: dat wordt in het Engels zelfs de gray divorce revolution genoemd.
Singlisatie is geen woord dat je heel gemakkelijk opschrijft en uitspreekt, maar het past wel in een rijtje. Als iets trendy wordt of steeds meer voorkomt, wordt daar wel vaker een woord op –isatie voor bedacht. Kijk maar eens naar pistachisatie. Volgens het Woordenboek van Nieuwe Woorden (WNW) is dat een ‘trend om in allerlei producten pistache te verwerken; het steeds toenemen van het aantal verschillende producten waarin pistache verwerkt zit’. Ook aircorisatie is redelijk nieuw: dat is het ‘verschijnsel dat steeds meer gebouwen en andere instellingen airconditioning aanleggen; toename van aantal airco’s; het steeds meer voorzien van airconditioning’ (WNW).

Singlisatie werd door Leclaire in 2024 al een keer gebruikt in een artikel in Vrij Nederland, als vertaling van Engels singlisation. Een nieuw woord dus, maar over dit verschijnsel wordt al jaren, ook met andere woorden, geschreven. Van Dale-hoofdredacteur Ton den Boon gebruikte in 2018 al het synoniem versingleing (waarin de e in single behouden is). De versingleing van de samenleving was toen namelijk al een feit, en dat woord klinkt volgens Den Boon “hipper dan vervrijgezellisering of vereenlingisering”. Het woord vrijgezel wordt nog steeds gebruikt, maar eenling zal niet zo snel een synoniem van single worden. Ook de woorden alleenstaande en het eufemistischere alleengaande worden steeds ongebruikelijker: alleen klinkt toch wat zielig. Het woord single heeft niet per se iets zieligs; niet voor niets zie je de woordgroep happy single nogal vaak. Het Engelse single wordt al sinds het einde van de jaren tachtig gebruikt in de ‘vrijgezel’-betekenis. Het woord dook trouwens al veel eerder op in andere betekenissen, bijvoorbeeld voor het enkelspel in tennis (vanaf 1920 ongeveer) en vlak na de Tweede Wereldoorlog ook voor een plaatje waarop aan elke kant maar één liedje staat (ook wel singletje genoemd).
Hoe dan ook: we lijken de ergste singleschaamte dus voorbij te zijn. Sterker nog, singletrots wordt soms ook nadrukkelijk geuit. Veel singles promoten bijvoorbeeld hun sologamie en noemen dit ook wel een ‘zelfhuwelijk’. Je kiest er dan bewust voor geen liefdesrelatie met iemand anders aan te gaan en trouwt als het ware met jezelf. Vaak wordt er ook een heuse ceremonie georganiseerd om dit huwelijk te sluiten, meestal ook met een feest erbij. Het Parool schreef deze week dat solo-eten (gebaseerd op Engels solo dining) steeds gewoner wordt: lekker in je eentje naar een restaurant. Als je het toch wat awkward vindt om in je eentje aan tafel te gaan, kun je – in China althans – ook kiezen voor de zogeheten teddybeerservice: een grote teddybeer als disgenoot, zélfs voor happy single vijftigplussers.
Bronnen:
- NRC, 23 januari 2026 (alleen voor abonnees)
- Vrij Nederland, 7 augustus 2024 (alleen voor abonnees)
- Woord van de dag, 25 juni 2018
- Het Parool, 24 januari 2026 (alleen voor abonnees)
- nu.nl, 18 januari 2026

