Vanochtend hoorde ik mezelf zeggen: Ik ga naar werk. Waarschijnlijk zeg ik dat wel vaker, maar het viel me nu pas op. Een jaar of tien geleden zou ik, vermoed ik, eerder ik ga naar het werk of ik ga naar m’n werk gezegd hebben.
Zonder bril
De Algemene Nederlandse Spraakkunst (ANS) schrijft dat dit soort constructies – met een voorzetsel en een zelfstandig naamwoord maar zonder lidwoord – helemaal niet zo ongebruikelijk zijn. Je zegt bijvoorbeeld naar school of naar huis. En ook:
- zonder bril
- naar zee
- op tafel
- in bad
- naar bed
- op straat
In (het) bad
Wat deze voorbeelden gemeen hebben, is dat ze niet over specifieke brillen, tafels, bedden, enz. gaan, maar over deze dingen in het algemeen. Er is dus een betekenisverschil tussen bijvoorbeeld:
- Ik ga in bad zitten.
- Ik ga in het bad zitten.
Bij in bad gaat het meer om een type activiteit die je op een bepaalde locatie gaat doen: je wassen (en luieren). Bij in het bad gaat het meer om een specifieke badkuip. Dat is ook het verschil tussen Ik ga naar school en Ik ga naar de school of Ik ga naar huis of Ik ga naar het huis. En daar past naar werk gaan precies in: het gaat niet om het specifieke gebouw, maar dat je naar de plaats gaat waar je je werk uitvoert. Dus door naar werk of op werk te zeggen maak je de taal eigenlijk wat systematischer.
In de lift
Neemt het toe, dat naar werk? Dat kunnen we mooi opzoeken in een corpus: een verzameling (digitale) teksten. In het Corpus Hedendaags Nederlands (CHN) bijvoorbeeld. En dan blijkt dat we ons op een keerpunt(je) in de geschiedenis van naar werk bevinden.

In deze grafiek is te zien hoe vaak naar mijn werk (en de andere bezittelijke voornaamwoorden), naar het werk en naar werk ten opzichte van elkaar voorkomen in Nederlandse kranten in de periode 2015-2025. De percentages samen zijn dus steeds 100%. Gevallen als op zoek naar werk zijn er uitgefilterd.
En wat zie je? Het type Ik ga naar m’n werk blijft duidelijk favoriet. Interessanter is wat er onder in de grafiek gebeurt: naar het werk en naar werk hebben stuivertje gewisseld. Het gebruik van naar het werk daalt al een jaar of vijf, ten koste van naar werk. Het gebruik zonder lidwoord was vorig jaar dus voor het eerst frequenter dan dat met lidwoord! Let wel: voor Nederland. Hoe de situatie bij onze zuiderburen is, is nog niet uitgeplozen.
- Meer over het gebruik van constructies als naar werk en op school vind je in de Algemene Nederlandse Spraakkunst.
- Het CHN is gratis doorzoekbaar met een CLARIN-account (die hebben de meeste onderwijsinstellingen).

