Categorieën
Woorden weten alles

(On)rust door het protocol

Ludo Permentier schrijft over protocol. Een woord dat je niet elke dag tegenkwam, tot de overheid regels ging uitschrijven voor de minste van onze sociale gedragingen.

Tegenwoordig zorgt ze voor haar eigen kindjes, maar toen ikzelf onze dochter nog in bed mocht stoppen, verliep dat volgens een strikte gang van zaken. Alle ouders zullen het herkennen: de juiste knuffels moeten mee in bed, de afgesproken nachtverlichting moet aan, het dekbed moet op rituele wijze worden neergeslagen, het bekertje water en het nachtpotje staan klaar, de conversatie verloopt volgens een vast scenario. Mijn dochter en ik noemden dat: het protocol. Als dat correct verliep, kon het meisje op beide oren slapen (en haar ouders dus ook).

Ik dacht dan soms aan een film van Werner Herzog over het verbijsterende leven van het ‘wolfskind’ Kaspar Hauser. Aan het eind wordt Kaspar vermoord en er volgt een autopsie, want het stadsbestuur wil bewijzen dat het om zelfmoord ging. De stadsklerk die alles genoteerd heeft, loopt in de laatste seconden van de film het beeld uit met de woorden “Ein schönes Protokoll. Ein genaues Protokoll. Ich werde ein Protokoll schreiben wie man es nicht alle Tage erlebt!” Een protocol verschaft ons zekerheid en dat is goed voor de slaap en het geweten.

Foto door Gerard Stolk –  CC BY-NC 2.0

Tot het misloopt. Ik lees in de krant dat een Brussels ‘shopping center’ vorig weekend zijn terrasjes had opgezet binnenshuis. Dat mocht natuurlijk niet, want de overheid had alleen toestemming gegeven voor tafels en stoelen in de openlucht, hooguit onder een parasol of tentzeil. Volgens de directie van het winkelparadijs ging het om een spijtig misverstand: “De protocollen hadden tegenstrijdige informatie.” Ja, en wij hoefden ons gezond verstand niet te gebruiken, we volgden immers het protocol …

Zo kwam ik dus weer op dat woord protocol, eentje dat je niet elke dag tegenkwam, tot de overheid regels ging uitschrijven voor de minste van onze sociale gedragingen. En ik vroeg mij af waar zo’n proto-col dan weer voor-geplakt zou zijn. Mijn intuïtie bedroog me niet. Het woord komt volgens verschillende naslagwerken in de Etymologiebank van het Griekse prōtokollon, wat sloeg op een blad dat voor een papyrusrol werd gelijmd en dat een datering en een kort overzicht van de inhoud bevatte. Later ging het om allerhande geschreven officiële teksten. Hoe divers die waren, vindt u in het Woordenboek der Nederlandsche Taal (WNT).

En kijk, alweer kom ik dobberend op de digitale naslagwerken en wippend van de ene lexicografische tak op de andere, bij onvermoede pareltjes uit. Bij het Zeeuwse dialectwoord pruttekulletjes, bijvoorbeeld, dat Frans Debrabandere omschrijft als ‘overdreven tierlantijntjes bij een maaltijd’. Of het Limburgse predekol, dat hij definieert als een bekeuring of proces-verbaal. Het werkwoord protocollen ook, dat volgens het WNT een spel is waarbij de deelnemers een reeks woorden op een doorgegeven papiertje schrijven zonder de andere te lezen, waardoor je een onvoorspelbare zin krijgt als resultaat. Of bij Kiliaan, die beweerde dat protocol de Nederlandse benaming was voor een ‘posticus monitor’, een slaaf die mee moest lopen met zijn vergeetachtige Romeinse meester om hem de namen in te fluisteren van de mensen die ze op straat tegenkwamen.

Kortom: het protocol verschaft zekerheid in tijden van twijfel. Dat kan lastig zijn, maar het is heilzaam voor de gemoedsrust. Tot het misloopt.


Wilt u automatisch op de hoogte worden gehouden van nieuwe afleveringen van WoordHoek? Schrijf u dan in voor Taalpost, de gratis e-mailnieuwsbrief van het Genootschap Onze Taal.

Ludo Permentier is journalist en auteur. Hij was docent in het middelbaar onderwijs, werkte bij Van Dale en de Taalunie en publiceerde taalboeken. Vijftien jaar lang schreef hij de taalcolumn Woorden weten alles in De Standaard.

E-mail: ludo.permentier@telenet.be