Categorieën
Terug in de taal

bovenlander

Onmisbare grasmaaier op de Nederlandse velden.

In Vlaanderen loopt er deze maand een groene campagne met een slogan die door formulering en spelling bewust wat ontregelend werkt: Door niets te doen lever je een grote bijdrage aan de natuur! Maai mei niet!

Het is een oproep om gedurende de maand mei de grasmaaier niet uit de schuur te halen, of om toch minstens in een deel van de tuin het gras ongemoeid en ongemaaid te laten. De uitleg hiervoor is te vinden op de website www.maaimeiniet.be: “Zo leg je een rijk buffet aan voor bijen, kevers, vlinders en hommels. Door gras maar om de vier weken te maaien, kun je tot tien keer meer bijen aantrekken.”

Misschien kijkt men in Nederland eventjes verrast op bij deze actie en de gebruikte slagzin, maar een paar honderd jaar geleden zou men al helemaal de wenkbrauwen gefronst hebben. Want in het voorjaar kon de Nederlander de Bovenlander en zijn maaiwerk niet missen.

Vincent van Gogh, De maaier via Wikimedia Commons

Arbeidsmigranten

Bovenlanders waren Duitse landarbeiders, afkomstig uit Oost-Friesland en Westfalen, die van de 17e tot de 19e eeuw vooral in Holland seizoenswerk kwamen verrichten. In het voorjaar arriveerden ze bij de boeren om veen af te graven, om te maaien en te hooien of om ander zwaar werk te doen. De hoofdactiviteit lijkt daarbij in de eerste plaats toch wel het maaien geweest te zijn, aangezien er in de vele benamingen voor de Bovenlander uitsluitend naar dit werk verwezen wordt: ze worden grasmaaiers of zeisemannen genoemd of, wat denigrerend, grasmoffen en (met Hanneke, verkleinvorm van de naam Johannes als eerste woorddeel) hannekensmaaiers.

Grasridders

Maakte het vakmanschap van deze seizoensarbeiders indruk op de Nederlandse dichter Lukas Rotgans (1653-1710)? In zijn Boerekermis uit 1708 beschrijft hij ze als Westfaalse helden, onversaagde grasridders die geoefend hun zeis als speer hanteren. Het dichtwerk is echter een satirische beschrijving van een plattelandskermis, dus je mag er ongetwijfeld van uitgaan dat het bij Rotgans eerder spot en ironie is dan oprechte bewondering. Want de gegoede burgerij, waar de schrijver ook toe behoorde, voelde zich hoog verheven boven de boer en het boerenwerk.

Het gras is groener in Amerika

In de loop van de 19e eeuw kwamen de Bovenlanders steeds minder naar de Lage Landen. Het Algemeen Handelsblad van 8 mei 1846 legt uit waarom:

De tegenzin tot de harde en uithuizige levenswijs neemt bij de bovenlanders toe, en het denkbeeld der landverhuizing naar Amerika wordt hun steeds gemeenzamer. Werkelijk zijn reeds verscheidene huisgezinnen, tot deze klasse van menschen behoorende, allengs derwaarts vertrokken, en velen schijnen er zich toe gereed te maken.

Kortom, de Bovenlanders vonden het gras elders groener en bleven daardoor uiteindelijk uit Nederland weg.