Categorieën
Terug in de taal

rattenkasteel

Ratten die in een rattenkasteel wonen, hebben het niet zo goed als je denkt.

Het is vooral de geschubde staart die mensen met afschuw vervult. Niet iedereen is net zo gecharmeerd van ratten als mijn oudste dochter in haar tienerjaren. Tamme ratten wel te verstaan, want wilde ratten zijn in ons huis net zo min gewenst als elders in de wereld. Niet voor niets is een aantal jaren geleden de Wereld Plaagdierendag in het leven geroepen. Elk jaar op 6 juni wordt dan aandacht gevraagd voor het gevaar dat plaagdieren als muizen en ratten met zich meebrengen voor de voedselveiligheid en de gezondheid van mensen. Toevallig valt de internationale World Pest Day, zoals de dag in het Engels heet, dit jaar samen met onze nationale Dag van het Kasteel. Een uitgelezen gelegenheid dus om de aandacht te vestigen op het woord rattenkasteel.

Priorij Onze-Lieve-Vrouwe-ten-Hove in Waarschoot [via Wikimedia Commons]

Nero

Vlaamse lezers denken bij rattenkasteel misschien aan het gelijknamige stripboek uit de reeks De avonturen van Detective Van Zwam. Een hoofdrol is hierin weggelegd voor het welbekende strippersonage Nero. Schrijver en tekenaar Marc Sleen beschouwde Het rattenkasteel zelf als zijn beste werk. Dit stripalbum inspireerde Arne Sierens in 1984 zelfs tot het maken van een strip-opera onder die naam.

Het rattenkasteel uit de titel heeft betrekking op een kasteel waar talloze ratten wonen, samen met de gevaarlijke dr. Ratsjenko. Model voor het kasteel stond Priorij Onze-Lieve-Vrouw-ten-Hove in Waarschoot. Door Sleens strip werd dat van oorsprong 15e-eeuwse priorshuis in de volksmond bekend als het Rattenkasteel. Het verkeerde lange tijd in vervallen staat totdat het in de jaren negentig van de twintigste eeuw volledig werd gerestaureerd.

rattenval

Zou Sleen het gebouw rattenkasteel hebben genoemd omdat het bevolkt werd door ratten? Of omdat zijn inspiratiebron toentertijd een bouwval was, want dat was volgens het Woordenboek der Nederlandsche Taal (WNT) ook een betekenis van rattenkasteel, al was het niet de oudste. Van oorsprong is een rattenkasteel namelijk een toestel om – ongewenste – ratten te vangen. In een van de citaten uit het WNT wordt het als volgt omschreven:

Eene smalle lange kist of lade, aan beide uiteinden open, en van binnen verdeeld in tien a twintig cellen die met hooi en stroo gevuld zijn, om er de ratten te laten in nestelen … Men stelt ’t rattekasteel op den dilte [‘hooizolder’] of in de schuur; en dan, na eenige weken, als eene dondervlaag de verschrikte ratten in hun kasteel gedreven heeft, loopt men de twee openingen van het kasteel toesluiten, en men vernielt al ’t gespuis dat er in zit.

Andere benamingen voor vergelijkbare apparaten om ratten te vangen, waren rattenkist, rattenklooster, rattenkorf, rattenkot, rattensprenkel, rattenstal, rattenwoning en rattenwoonst. Ook de namen slaper en tempel waren hiervoor in gebruik.

lekkernij

De woorden rattenkot, rattennest en rattenstal komen we in zestiende-eeuwse woordenboeken al tegen als vertaling van het Latijnse woord glirarium. Een glirarium was bij de Etrusken en later bij de Romeinen een terracotta pot waarin relmuizen (Latijnse benaming glis glis) werden gehouden en vetgemest. Als de dieren vet genoeg waren, werden ze gelakt met honing of gevuld met varkensvlees, gebraden en opgegeten. In Slovenië en Kroatië gelden relmuizen tegenwoordig nog altijd als lekkernij. Maar de bruine rat (rattus norvegicus) en de zwarte rat (rattus rattus) zullen ook zij eerder als een plaag dan als een delicatesse zien.