Terug in de taal

klimaatschieter

Door Dirk Geirnaert

Hot items in het politieke en maatschappelijke debat zorgen dikwijls voor een uitbundige groei van de woordenschat. Dat is duidelijk te zien bij de huidige klimaatdiscussie die een stortvloed aan klimaattermen oplevert: klimaatbetoging, klimaatdrammer, klimaatgoeroe, klimaatmars, klimaatneutraal, klimaatontkenner, klimaatspijbelaar, klimaatvluchteling enz. Bij al deze nieuwgevormde samenstellingen spreekt de betekenis meestal wel voor zich, zeker wanneer je de actualiteit een beetje volgt. Maar die duidelijkheid is er niet bij een merkwaardige klimaatsamenstelling die al bijna 200 jaar in het Nederlands bestaat: klimaatschieter.

We komen het woord voor het eerst in 1839 tegen in een beschrijving van een man die een café-met-logies uitbaat in Batavia, het huidige Jakarta:

Bron: Delpher

De Militaire Spectator, een tijdschrift voor het Nederlandse leger van toen, omschrijft in het februarinummer van 1864 wat klimaatschieten is en wat klimaatschieters doen: die doen niets, want klimaatschieten blijkt omschreven te moeten worden als 'buiten lekker genietend in een luie stoel liggen en totaal niets doen.'

Bron: Delpher

Maar waarom heb je het hierbij over het schieten van het klimaat? Een logisch klinkende verklaring is, dat in de uitdrukking een grappige navolging zit van verbindingen als de sterren schieten of de zon schieten, 'de stand van de sterren of de hoogte van de zon vaststellen om zo de tijd te bepalen of om te weten waar men zich (op zee) bevindt'. Het woord schieten werd daarbij gebruikt omdat men het doen van een dergelijke nauwkeurige observatie vergeleek met het mikken van een schutter op zijn doelwit. Een klimaatschieter ligt in zijn luie stoel ook zogenaamd waarnemingen over de weersgesteldheid, de hemel of de natuur te doen. Hij richt met andere woorden zijn aandacht inderdaad volledig op het klimaat.

Klimaatschieten en klimaatschieter, woorden die destijds zo goed als uitsluitend door Nederlanders in Nederlands-Indië gebruikt werden, zijn dus verbloemende aanduidingen (eufemismen) voor lekker liggen luieren of voor de persoon die dat doet. Ze zijn in elk geval geen bewijs van 19e-eeuws milieubewustzijn of van een vroege aandacht voor het klimaat en zijn problemen.

Op deze website maken wij gebruik van cookies.